Natúúrlijk was mn blogje van eergisteren een 1 april grap. Ik ga niet stoppen, dat zou veel te definitief zijn. En hier schrijven is te leuk. Van de week had ik al 2x een situatie meegemaakt dat ik dacht: hier heb ik over geblogd! (Gewoon wederom een man die meerdere malen gi gan tisch zat te gapen terwijl ik met hem in gesprek was). En daarbij: het is toch leuk dat er 3 mensen zich afvragen of het een 1 april grap is dat ik schrijf te stoppen. Ik moet dan toch een beetje aan de woorden van Jezus denken, daar waar twee mensen of meer … naar mijn blog komen om te lezen, daar ga ik verder met schrijven. (Verder heb ik geen messiascomplex hoor).
Maar goed, ik laat me afleiden. Begin februari maakte ik een conceptblog aan met de titel ‘druk vs veel te doen hebben.’ Maar ik had geen tijd om die te schrijven.
Tegenwoordig lijkt het de bedoeling te zijn dat je ‘druk’ antwoordt op de vraag ‘hoe gaat het?’.
En dat is toch gek, vind ik. Het druk hebben betekent eigenlijk dat je je zaken niet goed op orde hebt, dat je niet goed plant, niet goed je grenzen aangeeft. Druk hebben is niet iets nastrevenswaardig. Niets iets waar je trots op zou moeten zijn, of mee te koop zou moeten lopen.
Toch, als ik in een groep zit, en iedereen zegt het druk te hebben, dan voel ik groepsdruk en voelt het heel zonderling om te zeggen dat ik het lekker rustig heb.
In de afgelopen maanden had ik wel veel te doen. Maar veel doen, is dat druk? Wat voor de één druk is, is voor de ander weinig. Daarom vind ik het mooi dat er bijvoorbeeld in het onderwijs wordt gesproken over ervaarde werkdruk. Omdat ‘druk zijn’ zo subjectief is.