Divers

Zie mij

Kiek moe, kiek moe, kiek kiek kiek! Dagelijks heb ik wel een enthousiast kind dat roept ‘kijk kijk kijk’ vaak op een moment dat het me net even niet uitkomt. Bijvoorbeeld omdat ik bezig ben met koken, net even een krantje lees, of aan het auto rijden ben.

Voor degenen voor wie dit ‘kijk kijk kijk kijk’ bekend voorkomt, weet ook dat het niet stopt. Er móet gekeken worden. Of in ieder geval gereageerd.

Het liefst onderbreek je je eigen bezigheden natuurlijk om te kijken naar iets wat je steil achterover doet vallen van verbazing. Helaas is dat vaak niet het geval: het in de lucht gooien van een stokje, een koprol die ergens halverwege stokt, een vaag robloxfilmpje waar ik niets van snap. Kijk moe, kijk moe, kijk moe, o nee, foutje, wel blijven kijken hè!

Ik las ooit eens ergens: ‘vervang het kijk naar mij door zie mij. Dat andere woordje maakt een wereld van verschil. Zien in plaats van kijken.

Moe

Gister schreef ik over een irritatie, vandaag iets over een vermoeidheid: ik word er zo moe van dat alles – apps die je gebruikt, sites die je bezoekt – er op gericht is om je telkens méér te laten kopen.

Zelfs Vinted, wat in principe natuurlijk een mooi initiatief is, heeft allerlei maniertjes ingebouwd die je triggeren iets te kopen waarvan je eerst niet het gevoel had dat je het nodig had.

Het feit dat je weet dat je beïnvloedt wordt, en er toch ook niet helemaal tegen bestand zijn; dat vermoeit me.

Niet me, niet mezelf, en niet ik.

Ik wilde eigenlijk een aflevering van een serie kijken, maar plichtmatig als ik ben, vind ik mezelf hier typend terug.

Wat de laatste tijd hoog in mijn irritatie zit, zijn de continue stroom van berichten die gaan over ‘voor jezelf kiezen’ (en alle varianten daarvan) ‘doen wat jij wil’ ‘je eigen keuzes maken’.

Het is helemaal niet goed om continue dat verhaal te vertellen. Natuurlijk, ik roep ook geregeld ‘en nou ga ik eens lekker doen wat IK wil doen!’ En dan ga ik bijvoorbeeld op onze slaapkamer in m’n ondergoed voor de airco liggen. Een half uur lang. Lekker puh.

Maar dat zijn kleine dagelijkse dingetjes. De boodschap die je een medium opslingert, of in een boek verpakt, moet niet ik, ik, ik zijn. Des te vaker je hoort dat het om jou moet draaien, des te meer je zo’n verhaal gaat geloven.

Wat me dan zo irriteert? Ik denk dat je bedrogen uitkomt. Je gaat jezelf tegenvallen, je gaat jezelf teleurstellen. Als iedereen op zichzelf gericht is, dan zal het voor een ander ook nooit om jou draaien. Dat is eigenlijk zo allenig.

Burgerschap

Eerder deze week schreef ik over liminale zones, en voor een project op het Berechja College was ik me aan het inlezen over wat de overheid eist aan burgerschapsonderwijs.

Burgerschap staat momenteel hoog op de agenda bij scholen, vooral denk ik omdat het hoog op de agenda bij de onderwijsinspectie staat.

Misschien verkeert Nederland ook wel in een liminale zone. Het klinkt natuurlijk een beetje ridicuul dat ik (grootste) uitspraken doe over in welke staat Nederland verkeert. Maar. Nederland seculariseert in rap tempo, en waar is ons grote verhaal nu? Iets wat ons bindt als samenleving, en wat ons normen en waarden geeft waar we met z’n allen voor staan?

Men lijkt daarin zoekende te zijn. En zoals altijd, als er iets maatschappelijks speelt, wordt de oplossing in het onderwijs gezocht.

Natuurlijk, een school is een mini oefenmaatschappij, maar toen ik de wettelijke kaders vanuit de overheid las, bevreemdde het me toch. Niet omdat het trouwens rare eisen zijn, helemaal niet zelfs. Het gaat om de basiswaarden van de democratische rechtsstaat bevorderen.

Maar is zoiets beleggen bij het onderwijs, dat met zichzelf al kampt met structurele problemen (docententekort, achteruitgang van kwaliteit van onderwijs), een goed idee? Het voelt zo makkelijk om het onderwijs weer te pakken als instituut dat maatschappelijke problemen moet oplossen.

Terwijl, in het onderwijs gaat het impliciet altijd al over burgerschap. Waar zijn bijvoorbeeld de ouders, de gezinnen? Waar en wanneer wordt er van hen verantwoordelijkheid verwacht om burgers de maatschappij in te sturen die de basiswaarden van de democratische rechtsstaat respecteren?

Sociale cohesie ga je niet krijgen door op scholen een inspanningsplicht voor burgerschap in te voeren.

Gang van leven

Ik ben m’n blogstreak kwijt (om maar even in snapchattermen ((wat ik niet heb)) te spreken). Ik ben gister dus voor het eerst sinds ik begon met bloggen vergeten iets te posten!

Daar dacht ik vanochtend over na, hoe dat nou eigenlijk kon. Momenteel is m’n conclusie dat de meeste dagen gewoon wel een beetje saai zijn. Oftewel, de meeste dagen zijn niet om over naar huis te schrijven.

Zoals gister: de hele dag zittend en hangend doorgebracht. Of als ik m’n natuur zou laten gaan, dan zou ik elke dag schrijven over de zinloosheid van terugkerende huishoudelijke taken. Hoe ik na zoveel jaren nog steeds niet kan accepteren hoeveel ruimte en tijd huishoudelijke taken innemen. Maar ja, dat is behoorlijk saai.

Dat vind ik juist leuk aan elke dag schrijven. Het dwingt me in ieder geval de sleur van de dag een beetje te ontstijgen, en m’n gedachten te richten op iets anders dan de dingen die je routinematig doet. (Heb ik niet al een keer een alinea in deze trant geschreven?)

Vanmiddag had ik een mooi open en kwetsbaar gesprek met mijn broertje, en dat zijn toch de dingen die je onthoudt en wilt opschrijven, en niet bah ik moest weer stofzuigen, de vaatwasser leegruimen, en prullenbakzakken wisselen.

skrepr 15 jaar

Echt, ik wil in het vervolg alleen nog maar met it’ers op vakantie. Er bestaat geen gedoe met telefoons, e-readers, laptops, iPad, hotspots of airdrops. Alles wordt direct voor je opgelost. Wil je een oplader, usb-c, powerbank? Geen probleem. Nieuw template voor je blog? Zo geïnstalleerd.

Ik ben, als enige niet-werknemer, mee met een jubileumreis van skrepr. Het voelde eerst wel raar, en toch ook weer niet. ik weet nog goed hoe 20 jaar geleden Geert een advertentie voor de Computer Dokter had geprint, en wij deze samen brievenbus voor brievenbus rond brachten. skrepr is toch wel echt verweven met mijn leven.

Ik geniet. Wanneer wissel je met iemand van gedachten over de vraag of het goed of slecht is wanneer je het gevoel hebt dat je iets hebt gemist. Dat vind ik mooie vragen.

Proost, op 15 jaar skrepr!

Liminale zone

Afgelopen maandag, eerste werkdag, hectisch, hoofdpijn. Een zeurderig gevoel bleef hangen.

In de namiddag had ik toegezegd aan te sluiten bij een overleg van een (visserij)project van scab waar ik ook in participeer. Daar ontmoette ik zo’n bijzondere vrouw, Christa Anbeek, theoloog, hoogleraar, en heel veel meer. Op slag verdween m’n hoofdpijn en weg was het zeurige gevoel.

Ik kreeg haar boek ‘kwetsbaarheid omhelzen’ en ik begon erin, en ik vond het jammer dat ik het niet voor de meeting had gelezen. In haar boek schrijft ze over liminale zones. Een begrip dat ik nog niet kende; een woord dat ik nog nooit gehoord had.

Liminale zones. Liminale zones. Liminale zones. Een liminale zone is een tussenruimte. Een ruimte van het niet-weten. De hele week spookt het woord al door m’n hoofd. Liminale zone liminale zone liminale zone.

Ouder worden

Wanneer je op een gegeven moment merkt aan je lichaam dat de zwaartekracht er vat op krijgt (als in: alles gaat zakken), of wanneer je steeds meer hulpstukken nodig hebt om normaal te functioneren, dan weet je dat je in de (gelukkige) positie verkeert dat je ouder wordt.

Zo vond ik mezelf terug in bed met een nachtspalk om mijn teen, proberend mijn hallux valgus wat in te dammen. (Wat heerlijk trouwens dat er ook weer zo’n mooi woord bestaat voor een scheefgegroeide teen waardoor er een knobbel op je voet ontstaat.) Geert naast mij klikt een nachtbeugel in, om z’n gebit recht te houden. Dus met het ritselen van klittenband en het geklik van plastic, proberen we onszelf in vorm te houden. Wat zal er de komende jaren nog bijkomen?

Oud: we willen het allemaal worden, maar niet zijn.

Noem mij

Mijn moeder is mijn naam vergeten

Mijn kind weet nog niet hoe ik heet

Hoe moet ik mij geborgen weten?

Noem mij, bevestig mijn bestaan

Laat mijn naam zijn als een keten

Noem mij, noem mij, spreek mij aan

O, noem mij bij mijn diepste naam.

Voor wie ik liefheb wil ik heten.

Neeltje Maria Min. Uit: voor wie ik liefheb wil ik heten (1966)

Deze week zijn er weer ontelbare leerlingen en studenten begonnen in een nieuwe klas of met een nieuwe studie, en normaal gesproken was dit voor mij ook het moment waarop ik weer vele nieuwe namen (personen) leerde kennen.

Altijd moest ik dan denken aan bovenstaand gedicht van Neeltje Maria Min. Het vat zo krachtig wat het kennen van een naam betekent.

Nog zie ik gezichten van leerlingen en studenten, zelfs als het stoere jongens van een jaar of 20 waren, oplichten, wanneer je ze bij hun naam noemde.

Of toen ik in Ieper een herdenking van de Eerste Wereldoorlog bijwoonde, waar onder de Menenpoort namen plus leeftijden werden opgenoemd van slachtoffers, gevolgd door het blazen van de Last Post. Ongelooflijk indrukwekkend.

Fun fact: ‘Voor wie ik liefheb wil ik heten’ was het debuut van de (destijds) jonge Min. Het sloeg in als een bom. Heel literair Nederland buitelde over de jonge Min heen, en probeerde naarstig de betekenis van het gedicht te achterhalen. Veel heeft Neeltje Maria Min er nooit over gezegd. En dat geeft het toch ook iets raadselachtigs mee.

Navigate